
Monitoren is het volgen van je beleid. Dit is belangrijk omdat je hier lering uit kan trekken voor nieuw te ontwikkelen beleid.
Er zijn verschillende typen monitors:
- Een algemene monitor die de ontwikkeling van bepaalde indicatoren volgt. De indicatoren zijn gericht op 'algemene' ontwikkelingen waarvan wordt aangenomen dat iedereen ze belangrijk vindt.
- Een beleidsmonitor - ook wel beleidsevaluatie genoemd - die verschillende specifieke onderdelen van beleid volgt, zoals:
- de ontwikkeling met betrekking tot een bepaald doel,
- de mate waarin maatregelen zijn uitgevoerd,
- de bijdrage van alle uitgevoerde maatregelen aan het bereiken van de doelstelling.
- Een Benchmark. Dit is eigenlijk geen monitor. Waar monitoring vergelijkt met het verleden (ontwikkelingen in de tijd volgt), vergelijkt benchmarking verschillende actoren met elkaar op één bepaald moment. Als verschillende organisaties dezelfde indicatoren gebruiken kan een monitor ook worden gebruikt voor het vergelijken van prestaties, benchmarken.
Meer informatie over het monitoren van beleid vindt u hier.
Meer informatie over basisbestanden vindt u hier.
Meer informatie over benchmarken vindt u op de site van het Ministerie van BZK. De "Handreiking Prestatievergelijking" biedt bijvoorbeeld een redelijk compleet theoretisch overzicht van de mogelijkheden. Meer informatie over benchmarking vindt u ook op de site van VNG.
Wat doet het KpVV?
- Het Kenniscentrum To-Do monitort de proefprojecten van bundeling van het doelgroepenvervoer.
- Het Kenniscentrum Sociale Veiligheid onderhoudt een reizigersmonitor en een personeelsmonitor om de sociale veiligheid in het openbaar vervoer te meten.
- Verder volgt het KpVV het aanbod en het gebruik van het openbaar vervoer,
- het volgt de aanbestedingen van concessies
- en het meet jaarlijks de klantwaardering in het regionale openbaar vervoer. (zie de OV-Klantenbarometer).
- Voor het evalueren van projecten rond mobiliteitsmanagement, ondersteunt KpVV de SUMO-methode.
Wat doen anderen?
- Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat biedt jaarlijks in september de Nationale Mobiliteitsmonitor aan aan de Tweede Kamer. Hij geeft informatie over de voortgang op de doelen uit de Nota Mobiliteit. In de aanbiedingsbrief zijn de belangrijkste bevindingen en achtergrondinformatie bij de monitor opgenomen.
- Het SGBO vergelijkt de bedrijfsvoering van parkeren.
- De Fietsersbond heeft de fietsbalans. Sinds 2000 is voor 125 gemeenten de kwaliteit van de fietsinfrastructuur gemeten en kan middels een tool worden vergeleken. In 2006 is een tweede ronde gestart waarbij ook het fietsparkeerbeleid, de luchtkwaliteit en gezondheid worden gemeten.



