Zoeken

Klant & Kwaliteit (90 resultaten)

Het bieden van goede kwaliteit bevordert het behoud van klanten van het openbaar vervoer en het winnen van nieuwe klanten. Lees meer...

Dat is niet eenvoudig, want het openbaar vervoer kent veel facetten. En elk facet moet ‘kloppen’:

  • kwaliteit van het voertuig;
  • vriendelijkheid van het personeel;
  • stiptheid van de dienstuitvoering;
  • inrichting van de halte;
  • reisinformatie vóór en tijdens de reis;
  • gebruiksgemak van de OV-chipkaart..

De NS (Van Hagen, 2003) hanteert de zogenaamde ‘klantwensenpiramide’. Deze is gebaseerd op de Hiërarchie van behoeften van Maslow. De piramide geeft kwaliteitsaspecten die reizigers belangrijk vinden tijdens hun reis als geheel. Er zijn vijf lagen van kwaliteit te onderscheiden.

De aspecten onder de lijn met satisfiers / dissatisfiers worden gezien als basisvoorwaarden. De aspecten boven deze lijn geven een meerwaarde aan de reis met de trein.

Vrij vertaald naar het stads- en streekvervoer geldt het volgende.

  • Het fundament van de piramide bestaat uit veiligheid en betrouwbaarheid. Beide aspecten moeten gewaarborgd zijn om überhaupt reizigers te trekken. Vanuit veiligheid is het belangrijkst de component sociale veiligheid. Daarnaast is de systeemveiligheid geregeld in wet- en regelgeving. Betrouwbaarheid heeft te maken met het vertrouwen dat er wordt gereden en dat er op tijd wordt gereden.
  • In de onderste helft van de piramide, boven het fundament, staan de aspecten die als vanzelfsprekend worden ervaren. Het is de basiskwaliteit: het openbaar vervoer hoort zich aan de dienstregeling te houden; er mogen geen hindernissen zijn om een vervoerbewijs te kopen, er moeten voldoende zitplaatsen zijn en het ov-systeem moet eenvoudig te begrijpen zijn. Deze aspecten zijn samen te vatten met de woorden reiskenmerken en gemak. Als ze niet goed geregeld zijn, lopen klanten weg. We noemen deze ze dissatisfiers.
  • In de bovenste helft van de piramide komen aan bod de aspecten comfort (geluid, rijstijl, klantvriendelijkheid en netheid) en beleving (design, ontwerp, imago, life style, couleur local, speciale kaartjes voor doelgroepen). Dit zijn zogeheten satisfiers: zaken die een klant tevreden stelt. Hiermee zijn nieuwe klanten te winnen.

Gevonden in de kennisbank:

  • Klantwaardemodel

    Betr.: Update van Instrument maart 2008 Beschrijving Het klantwaardemodel bestaat uit vijf elementen: resultaat proces emotie prijs moeite. Op basis van scores op deze elementen is het mogelijk een conclusie te trekken over de (persoonlijke) beoordeling van een vervoerwijze: de klantwaarde. Het model is een denkkader dat inzichtelijk maakt dat er meer zaken een rol spelen bij klanttevredenheid en klantgerichtheid dan alleen het product en de prijs. Dit denkkader kan worden gebruikt bij het centraal stellen van de klant in de dienstverlening en maakt het makkelijker (potentiële) klanten te leren kennen en uiteindelijk te kiezen voor bepaalde klant- of doelgroepen. Doel en doelgroepen Het verkrijgen van inzicht in de wensen en behoeften van mensen. Bedoeld voor lokale en regionale overheden. ToepassingHet Klantwaardemodel wordt gebruikt als denkkader voor het ordenen en analyseren van antwoorden die worden gegeven op vragen in onderzoeken. De verkregen inzichten in wensen en behoeften kunnen bijdragen aan het formuleren van beleidsdoelen. Zowel ambtelijk als bestuurlijk van waarde. Input: Operationalisering van de vijf elementen. Output: Een conclusie over de klantwaarde. Te betrekken partijenRegionale en lokale overheden, maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven. Praktijkvoorbeelden Plusbus Provincie Noord-Brabant Mobiliteitsmanagement MediaPark Hilversum Meer informatie Contact: XTNT Experts in Traffic and Transport

    Onderwerpen: Klant & Kwaliteit, Mobiliteitsmanagement, Reisgedrag, Collectief Vervoer
    Instrument 16-07-2012

  • KpVV-bericht nr. 115: Marketing om jongeren in het openbaar vervoer te houden

    ‘Jong geleerd, oud gedaan’. ‘Onbekend maakt onbemind’. Om die twee redenen zouden jongeren een doelgroep moeten vormen voor het openbaar vervoer. Door hen vertrouwd te maken met het openbaar vervoer, kunnen zij er een band mee opbouwen. Dat levert later meer ov-gebruik op. Ov-autoriteiten kunnen ook meer doen om de uitstroom te beperken: ongeveer 20 procent van de jongeren haakt min of meer af ná inlevering van de studentenkaart. Het KpVV heeft het bureau OV idee gevraagd ov-jongerenmarketing en de succesfactoren te verkennen. De focus ligt op het behoud van jongeren voor het openbaar vervoer. Met andere woorden: het voorkomen van uitstroom. Waar het om gaat is dat (meer) jongeren bewust voor het openbaar vervoer kiezen als dit een goede vervoeroplossing is en dat zij het niet massaal de rug toe keren als de auto zich aandient.‘Jong geleerd, oud gedaan’ en ‘Onbekend maakt onbemind’ zijn twee wijsheden die zeker van toepassing zijn op het openbaar vervoer. Kinderen en jongeren zouden daarom een belangrijke doelgroep moet vormen binnen de marketing van het OV. Meer weten? Download hier het rapport OV-jongerenmarketing.

    Onderwerp: Klant & Kwaliteit
    Publicatie 28-06-2012

  • HiTrans

    HiTrans was een EU-project, waarin 11 partners uit het Verenigd Koninkrijk en Scandinavië zochten naar de uitgangspunten en strategieën voor hoogwaardig openbaar vervoer in middelgrote steden en stedelijke regio’s.

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 24-05-2012

  • Buses with High Level of Service

    Het rapport is opgesteld door een werkgroep bestaande uit vertegenwoordigers uit tal van Europese landen. Het is het rapport van een gelijknamig Europees onderzoek waarin 35 HOV-systemen in Europese steden met elkaar zijn vergeleken. Hiervan zijn er 25 uitgebreid beschreven. Elke stad of regio met HOV-ambities kan inspiratie putten uit een of meer van de beschreven projecten. Meer informatieIn KpVV-bericht nr. 110: Hoogwaardig ov lukt alleen met ambitieuze overheid

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Publicatie 29-03-2012

  • KpVV-bericht nr. 110: Hoogwaardig ov lukt alleen met ambitieuze overheid

    Het Europees Parlement pleit in het recente commentaar op het witboek over mobiliteit voor een verdubbeling van het ov-aandeel in de steden. Deze groei is nodig vanwege de uitdijing van steden, toenemend verkeer en lawaai en gezondheidsproblemen door luchtvervuiling. Bovendien nopen het klimaat- en energieprobleem tot rigoureuze maatregelen. In Nederland dwingen bezuinigingen op exploitatiebudgetten tot een heldere keuze: bundeling. Precies op het juiste moment verschijnt er een omvangrijke Europese studie met bouwstenen en handvatten voor flinke groei van het openbaar vervoer in steden: Buses with High Level of Service (BHLS).

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Publicatie 8-03-2012

  • KpVV-bericht nr. 108: De houdbaarheid van de sociale functie

    De sociale functie wordt vaak gebruikt als argument om bepaalde ontwikkelingen in het openbaar vervoer tegen te houden (bezuinigingen) of juist te bepleiten (tariefdifferentiatie). Het KpVV heeft laten onderzoeken wat die sociale functie precies inhoudt. Over wie hebben we het en welke vervoeroplossingen kan de overheid bieden? De uitkomst verrast: traditioneel tot de sociale functie gerekende doelgroepen zijn in de praktijk maar zelden afhankelijk van openbaar vervoer. Andere groepen worden juist over het hoofd gezien.

    Onderwerp: Klant & Kwaliteit
    Publicatie 8-03-2012

  • Wat is hoogwaardig openbaar vervoer (HOV)?

    Reizigers op de Zuidtangent, een onbetwiste HOV-lijn, noemden in 2011 als belangrijkste criteria van hun HOV: - stipt op tijd rijden;- altijd en overal actuele reisinformatie;- nooit lang wachten. In artikelen en scripties wordt HOV ook gerelateerd aan vrije infrastructuur, aan de modaliteit bus en aan mooie voertuigen en haltes. Andere veel genoemde kwaliteitskenmerken zijn: hoge frequentie, hoge snelheid, optimale toegankelijkheid, betrouwbaarheid, comfort, een sterk imago en een acceptabele prijs. Zie ook de 10 punten van hoogwaardigheid van het CVOV (2002). Het bijvoeglijk naamwoord ‘hoogwaardig’ is in relatie tot openbaar vervoer een relatief begrip. En wel om drie redenen. De eerste is dat uiteindelijk iedere reiziger zelf wel uitmaakt wat hij of zij hoogwaardig vindt. Mensen hebben verschillende wensen en behoeften. Zo zijn er reizigers die hun servicebus of hun buurtbus de hemel in prijzen. In de tweede plaats veronderstelt ‘hoogwaardig’ dat er ook iets als ‘laagwaardig’ bestaat. Al noemen we dat dan meestal anders: langzaam (LOV), ontsluitend, aanvullend of regulier openbaar vervoer. De derde vorm van relativiteit is dat vormen of elementen van openbaar vervoer die eerst nog hoogwaardig werden gevonden door de geschiedenis worden ingehaald. De trekschuit werd in de tweede helft van de 17e eeuw hoogwaardig gevonden; hij was buitengewoon betrouwbaar, rechtstreeks en daardoor relatief snel, frequent en goedkoop. In de 19e eeuw was het gedevalueerd tot ‘volksschuit’. En waar tien jaar geleden elementen als een gelijkvloerse instap en actuele reisinformatie aan boord hoogwaardig gevonden werden, zijn deze inmiddels gemeengoed geworden in het hele openbaar vervoer. Het zijn geen onderscheidende factoren meer. Een toekomstvaste definitie kan daarom beter op een hoger abstractieniveau worden gezocht. Het KpVV stelt daarom voor drie elementen te beschouwen waarop HOV zich onderscheidt ten opzichte van het andere openbaar vervoer: Hiërarchie, Omgeving en Verbeelding. Makkelijk te onthouden, gelet op de beginletters. Hiërarchie: HOV-lijnen vormen het bovenste niveau van het lokale en regionale openbaar vervoer; ze hebben een structurerende rol op de schaal van een stad, agglomeratie of stedelijke regio. Ze zijn primair verbindend, met relatief grote halteafstanden en een hoge doorstroomsnelheid. En ze zijn goed herkenbaar en het netwerk is eenvoudig te begrijpen. Omgeving: er is voorzien in een prima afstemming tussen de HOV-lijnen en de ruimte en mobiliteit eromheen. Er is een goede ruimtelijke inpassing. Er is een wisselwerking tussen dichtheden en ruimtelijke functies enerzijds en het HOV anderzijds. Loop- en fietsroutes, stallingen en P+R-voorzieningen zijn goed gesitueerd en de aansluiting op het andere openbaar vervoer is geoptimaliseerd. Verbeelding: het HOV moet minstens een opvallend element van innovatie, schoonheid of interactie hebben; iets dat de reiziger positief prikkelt. Bijvoorbeeld het voertuig, het halteontwerp, de baan, touch screens, de presentatie van de reisinformatie of een slim betaalsysteem. Daarmee loopt het HOV voor de troepen uit.

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 28-02-2012

  • Projecten HOV-bus

    We maken onderscheid tussen HOV-bus en -tram. Van elk HOV-busproject is hier een korte beschrijving opgenomen met een verwijzing naar de projectwebsite en een contactadres. 1. Qliners Groningen Drenthe2. HOV-netwerk Arnhem Nijmegen3. HOV Twente4. HOV Utrecht5. HOV Almere6. HOV in ’t Gooi7. Rnet 300 en 310 (Zuidtangent)8. R-net SRA9. HOV Zaancorridor10. HOV Westtangent11. HOV Velsen12. HOV-net Zuid-Holland Noord13. ZoRo-lijn14. Brabantliner15. Volans16. HOV Noordoost Brabant17. HOV Zuidoost Brabant 1. Qliners Groningen Drenthe Qliner-bussen rijden een rechtstreekse, snelle route tussen grote kernen en steden en stoppen bij een beperkt aantal haltes. Bovendien rijdt de Qliner over de busbaan vlot langs de file. Qliners rijden voornamelijk in Groningen en Drenthe op een aantal routes, met daarbij uitlopers naar Lelystad, Joure en Drachten. De Qliners rijden over het algemeen niet over vrijliggende busbanen. Fase project: In exploitatie Overheden: OV-bureau Groningen Drenthe, website ovbgd Contact: OV-bureau, 0592-396 900, info@ovbureau.nl 2. HOV-netwerk Arnhem NijmegenIn het kader van HOV binnen de Stadsregio Arnhem Nijmegen wordt er ingezet op verschillende assen: Arnhem–Huissen–Bemmel–Nijmegen (RijnWaalsprinter); Westelijke HOV-as middengebied Arnhem Nijmegen; Zevenaar-Arnhem (IJsselsprinter); RW73-Malden-Nijmegen; (Ede) Wageningen-Arnhem; Nijmegen-Groesbeek-Kleve-Weeze Airport. De RijnWaalsprinter is sinds medio 2010 in gebruik. Fase project: Uitvoering Overheden: Stadsregio Arnhem-Nijmegen website destadsregio Contact: Jan Harmsen, 024-3297 979, info@destadsregio.nl 3. HOV TwenteSinds de tweede helft van de jaren ‘90 werken Almelo, Hengelo en Enschede en Regio Twente aan de ontwikkeling van zogeheten doorstroomassen. Inmiddels is een HOV-netwerk ontstaan met (half)dynamische busbanen en dynamische reis informatie systemen. Momenteel wordt gewerkt aan een vrijliggende busbaan tusen Hengelo, het universiteitscomplex en Enschede. Fase project: Uitvoering Overheden: Regio Twente, Gemeenten Almelo, Hengelo, Enschede, website hov.enschede Contact: projecthov@enschede.nl 4. HOV Utrecht Gemeente Utrecht en het BRU werken aan vijf HOV-assen, waarvan drie als vrije busbaan en twee als sneltram. De vrije busbanen (die later tot trambaan verbouwd kunnen worden) zijn: Binnenstadsas (Utrecht Centraal naar de Uithof via binnenstad en zakencentrum Rijnsweerd), Noordradiaal (Utrecht Centraal naar Vleuten via Leidsche Rijn) en Zuidradiaal (Utrecht Centraal naar Vleuten via Kanaleneiland en Papendorp). Fase project: Deels gereed, deels in uitvoering Overheden Bestuursregio Utrecht, website Utrecht Contact: Projectorganisatie, 030 - 2860 000 5. Stadsvervoer AlmereMaxx Almere is het Hoogwaardig Openbaar Stadsvervoer in Almere. Op de meeste lijnen wordt met een frequentie van 8 bussen per uur gereden. Het maakt voor bijna 100% gebruik van een netwerk van 60 kilometer aan vrije busbanen met verkeerslichtbeïnvloeding bij kruisingen. Fase project: In exploitatie Overheden: Gemeente Almere, Provincie Flevoland, website connexxion Contact: Connexxion, 0900 - 2666 399 6. HOV in ‘t Gooi Tussen het busstation Huizen en het NS Station in Hilversum komt een HOV-busverbinding. Deze loopt over een vrije busbaan via een aantal haltes in Huizen naar de carpoolplaats in Blaricum. Daarna gaat de verbinding verder over de A27 naar Hilversum. Aan de zuidzijde van het spoor in Hilversum komt vervolgens ook een vrije busbaan. Fase project: Planvorming Overheden: Gemeenten: Huizen, Hilversum, Blaricum, Eemnes, LarenProvincie: Noord-Holland website hov inhetgooi Contact: Projectbureau HOV in het Gooi, info@hovinhetgooi.nl 7. Rnet 300 en 310 (Zuidtangent)Begin 2002 werd de Zuidtangent geopend, de HOV-busverbinding tussen Haarlem en Amsterdam Zuid-Oost via Hoofddorp en Schiphol. Een lijn van zo’n 40 kilometer, waarvan 25 kilometer vrije businfrastructuur. Hij is later uitgebreid met een verbinding vanaf Nieuw-Vennep via Hoofddorp en Schiphol naar Amsterdam Zuid/WTC. Totaal 40.000 reizigers per dag. Deze lijnen zijn per 2012 hernoemd in Rnet 300 en 310. Fase project: Gereed sinds januari 2002 Overheden: Stadsregio Amsterdam, website zuidtangent Contact: Stadsregio Amsterdam, 020 - 5273 700, regiohuis@stadsregioamsterdam.nl 8. R-net SRA De stadsregio Amsterdam heeft de ambitie om tot een hoogwaardig OV-product te komen in de vorm van een samenhangend netwerk van bus, tram, metro- en zelfs treinverbindingen. Er ligt nu al een uitgebreid netwerk van buslijnen en dit heeft mogelijkheden om uit te groeien naar een hoogwaardig netwerk. In 2018 moet het hele netwerk onderdeel zijn van R-net. Fase project: Planvorming / Uitvoering Overheden: Stadsregio Amsterdam, website stadsregioamsterdam Contact: Stadsregio Amsterdam, 020 - 5273 700, regiohuis@stadsregioamsterdam.nl 9. HOV ZaancorridorDe Stadsregio Amsterdam werkt aan een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding (HOV) tussen de gemeente Zaanstad en Amsterdam. Er zijn twee voorkeurtracés vastgesteld die de NS-stations Kogerveld en Zaandam bedienen en waarmee Zaandam en Amsterdam-Noord goed worden aangesloten op de Noord-Zuidlijn. Er is € 60 mln gereserveerd. Fase project: einde planstudie - besluitvorming Overheden: Stadsregio Amsterdam, webpagina HOV Zaancorridor Contact: Stadsregio Amsterdam, 020 - 5273 767, regiohuis@stadsregioamsterdam.nl 10. HOV WesttangentDit betreft een verbinding tussen Amsterdam Sloterdijk en Schiphol Plaza. Deze HOV-verbinding kan gerealiseerd worden als deels vrije busbaan van ongeveer 17 kilometer lang, met voorrang op de kruisingen en zal naar verwachting meer dan 15.000 reizigers per dag trekken. Ingezet wordt op een gemiddelde snelheid rond de 30 km per uur. Fase project: planstudie Overheden: Gemeente Amsterdam, webpagina HOV Westtangent Contact: DiVV, gemeente Amsterdam, Remco Suk, 020-556.5118, r.suk@ivv.amsterdam.nl 11. HOV VelsenTussen Haarlem en IJmuiden wordt een snelle busverbinding aangelegd. Deze verbinding verbetert de bereikbaarheid van Velsen en is een gezamenlijk project van de provincie Noord-Holland en de gemeente Velsen. Eén van de nieuwe schakels in het regionale HOV-netwerk is een snelbus tussen Haarlem en IJmuiden. Fase project: Planvorming / Uitvoering (voorjaar 2012) Overheden: Gemeente Velsen, Provincie Noord-Holland, website noord-holland Contact: hovvelsen@noord-holland.nl 12. HOV-net Zuid-Holland NoordDit project omvat, naast een tweetal frequentere treindiensten, een hoogwaardig busnetwerk in de regio. Het bestaat uit de verbindingen Leiden-Katwijk-Noordwijk, Noordwijk-Voorhout-Sassenheim-Lisse-Schiphol, Alphen a/d Rijn-Schiphol, Leiden-Zoetermeer en Leiden-Leiderdorp. Ook wordt gezocht naar de beste route door Leiden. Het netwerk gaat deel uitmaken van R-net. Het is de bedoeling dat er bussen met innovatieve oplossingen komen, bijvoorbeeld wat betreft aanlanding bij haltes en energievoorziening. Fase project: Verkenning/planstudie (aanleg 2013-1019) Overheden: Provincie Zuid-Holland, regio Holland Rijnland, gemeenten. Zie website zuid-holland HOV-NET Contact m.b.t. de HOV-busprojecten: Reinout Liemburg, tel 070-4416481 13. ZoRo-lijnTussen Zoetermeer Centrum-West en de halte Rodenrijs wordt de ZoRo-lijn gerealiseerd. Het gaat om een vrije baan, die nieuw wordt aangelegd. Hij loopt deels parallel aan de hogesnelheidslijn. De busverbinding zal eind 2012 begin 2013 in gebruik worden genomen. Fase project: Uitvoering (gestart najaar 2011) Overheden: Provincie Zuid-Holland, website randstadrail Contact: projectbureau@randstadrail.com tel. 010 - 2701 050 14. BrabantlinerBrabantliner is de naam voor de snelbusformule tussen Utrecht en Oosterhout/Breda. Deze rijden grotendeels over de A27. Daarnaast heeft sinds 2009 ook de verbinding Rotterdam Zuidplein – Bergen op Zoom de naam Brabantliner. De bus is een treinvervanger. Fase project: In exploitatie Overheden: Provincie Noord-Brabant, website veolia-transport Contact: Brabantliner klantenservice, 0800 - 0200 096 15. VolansVolans is hoogwaardig openbaar vervoer tussen Etten-Leur, Breda en Oosterhout. Het HOV Volans bestaat uit drie onderdelen: een betrouwbare hoogfrequente dienstregeling (vijf tot acht keer per uur), een snelle route met goed toegeruste haltes, en comfortabele, herkenbare bussen. Op een deel van het traject zijn er speciale HOV-banen. Fase project: In exploitatie Overheden: Gemeenten: Etten-Leur, Breda, Oosterhout. Provincie Noord-Brabant, website etten-leur Contact: Projectleider Volans, Frits Pilzecker, gemeente Breda, 076 - 5293 884 16. HOV Noordoost-BrabantDe provincie Noord-Brabant investeert samen met Brabantse partners in Hoogwaardig Openbaar Vervoer. Hierbij gaat het in eerste instantie om HOV-busverbindingen tussen Den Bosch – Veghel - Eindhoven en Oss – Veghel - Eindhoven. Een deel van de tracés gaat over de snelweg (A50). Voor een ander deel van het traject moeten er vrije busbanen komen. Fase project: Uitvoering Overheden: Provincie Noord-Brabant, website hov noordoostbrabant Contact: Projectleider Roger Heijltjes, 06 - 27745 187, RHeij2@brabant.nl 17. HOV Netwerk Zuidoost-BrabantSinds 2007 is het SRE bezig met het opzetten van een HOV-netwerk in Zuidoost-Brabant. Het eerste deel van het netwerk is gerealiseerd, bestaande uit ongeveer 12,5 km busbaan. Dit deel bestaat uit het traject Station Eindhoven – Meerhoven – Veldhoven/Airport. Op dit moment wordt HOV2 gerealiseerd: Nuenen – Eindhoven Centrum – High Tech Campus Eindhoven. Fase project: Uitvoering Overheden: Samenwerkingsverband Regio Eindhoven, website hovnet Contact: SRE, 040 - 2594 594, hovnet@sre.nl.

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 17-02-2012

  • LIRA

    Het LIRA-project gaat over lightrailprojecten in het noordwesten van Europa. Het doel was om via onderzoek en pilots inzicht te verkrijgen in de bijdrage van lightrail aan de bereikbaarheid van stedelijke gebieden. De afkorting staat voor International Lightrail Network. Het was een platform van 11 steden en regio’s in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, België en Nederland. Deelnemers waren Haaglanden (projecttrekker), de provincies Noord-Holland, Limburg en Gelderland, de Greater Manchester Passenger Transport Executive, East Lancashire Partnership, Cardiff County Council, Ministerie van Wallonië, Ministerie van Vlaanderen en Kaiserslautern. Dit project startte in januari 2000. Toen het in de herfst van 2005 eindigde, was er een gemeenschappelijke visie ontstaan die uitmondde in een soort van handleiding voor de implementatie van lightrailsystemen en in actieprogramma’s. Naast een syntheserapport bestaat de nalatenschap uit bruikbare studies over de volgende onderwerpen: vergelijking van exploitatiemodellen, waaronder PPS-constructies; mogelijkheden en problemen van lightrailmaterieel op heavy spoor; effecten op economie, de vestigingsplaatsfactor en prijzen van onroerend goed; modalspliteffecten op langere termijn. In de rapportages is aandacht besteed aan PPS-mogelijkheden, de integratie met andere ov-systemen en medegebruik van spoorwegen. Een van de conclusies is dat lightrail behoorlijke effecten kan hebben op de ruimtelijke ordening, op de stedelijke economie en op vastgoedprijzen. Website: http://lira-2.com/

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 17-02-2012

  • Proceed

    Hoe kunnen OV-autoriteiten en vervoerbedrijven busdiensten in steden tot 200.000 inwoners aantrekkelijker maken en tegelijk de efficiency verhogen? Die vraag hebben instituten uit twaalf landen (waaronder het Nederlandse adviesbureau ECORYS) beantwoord in het project PROCEED van de Europese Unie. In 26 lidstaten selecteerden ze 67 steden met goed stadsvervoer. Over deze 67 bussystemen zijn goede beschrijvingen gemaakt. Ze zijn per land gerubriceerd in pdf’s. Zie praktijkvoorbeelden. Er valt niet één algemene conclusie te trekken wat busprojecten nu succesvol maken. Maar vaak zijn het de elementen: snel en betrouwbaar, een simpel net, moderne voertuigen en adequate reisinformatie. De ene stad trekt meer reizigers door veranderingen in het netwerk, de andere door hogere frequenties en langer doorrijden ’s avonds. Soms levert een betere website, betere klantenservice of actuele reisinformatie op haltes succes op, in andere gevallen zorgen nieuwe bussen voor nieuwe klanten (schoon, lage instap, airconditioning, reisinformatie aan boord). Soms ligt de sleutel buiten het openbaar vervoer, daar is de auto minder aantrekkelijk gemaakt in de binnenstad. Altijd van belang blijkt bestuurlijk draagvlak en openlijke politieke steun. Na analyse van het stedenonderzoek kwamen er tal van belangwekkende tips boven tafel om de kwaliteit van het busvervoer te verhogen. Uit de veelheid aan gegevens destilleerde het onderzoeksteam zestig handreikingen. Enkele voorbeelden: Zorg voor een hiërarchie in bushaltes, zodat je kunt bepalen wáár actuele reisinformatie, een klok, omroep, een plattegrond en fietsenrekken nodig zijn. Zorg voor prettig te rijden routes zonder scherpe bochten, verkeersdrempels en rotondes. Werk met een eigen huisstijl voor stedelijk openbaar vervoer op alle uitingsvormen. Dit is niet alleen goed voor de herkenbaarheid, maar ook om een band te smeden met de klant. Werk permanent aan een gemotiveerde en klantgerichte houding van de chauffeurs. De zestig handreikingen zijn gebundeld in vijf onderwerpen: marktanalyse, netwerkoptimalisering, financiering, management en marketing. Op de website van PROCEED zijn deze na te lezen. De 60 handreikingen vormen de basis van een handige checklist (‘Wiki’) met per thema tal van ingrediënten voor steden die meer reizigers willen in hun openbaar vervoer. Het PROCEED-team geeft ook aanbevelingen. Deze zijn van een hogere orde dan de zestig tips. Enkele voorbeelden: Kijk bij een HOV-project verder dan het hier en nu. Kijk ook buiten de grenzen van het project; betrek de ruimtelijke ordening en de stedenbouw. En andersom, benut het openbaar vervoer als een structurerend element in de stadsplanning. Verstevig het project met maatregelen uit andere sectoren. Houd rekening met de langetermijnfinanciering en het onderhoud. Zorg continu voor marketing van het product; dat is een voorwaarde voor succes. Het project moet niet op een of twee aspecten hoogwaardig zijn, maar over de hele linie, met speciale aandacht voor de frequentie en gemakkelijke en aantrekkelijke tarieven. Om de kwaliteit op niveau te houden moet de uitvoering veelvuldig worden gemonitord en geanalyseerd. Website: www.proceedproject.net

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 17-02-2012

  • Haltes

    Wie met het openbaar vervoer reist maakt gebruik van haltes (en stations). De halte is daarmee de voordeur van het openbaar vervoer: alleen via de halte is er toegang mogelijk tot het ov-systeem. Er zijn in Nederland ongeveer 50.000 haltes. Ze zijn er in allerlei vormen en maten. Ze beslaan het hele spectrum tussen haltepaal en stadsproject. Er zijn er zelfs met liften. Sommige zijn nog van jaren-vijftig-beton, rijp voor het museum, andere zijn puur hightech. Er zijn haltes direct gelegen aan de rijbaan en er zijn er met een haltekom. Er zijn haltes (of halteclusters) waar reizigers kunnen overstappen en haltes waar dit niet mogelijk is. Mobiliteitsknooppunten en dorpshuishaltes. Nederlanders zijn ongeduldig. Als er een auto beschikbaar is, is de verleiding niet groot om met het openbaar vervoer te reizen, en zeker niet met de bus. Vaak heeft het ook te maken met onbekendheid met het openbaar vervoer en onzekerheid over de uitvoering van de dienstregeling. Toch zijn er mogelijkheden om de keuzereiziger te verleiden vaker van het openbaar vervoer gebruik te maken. Maar dan moeten alle onderdelen van het ov-systeem ‘kloppen’, ook de halte. Want de moderne reiziger is gewend is aan de kwaliteit van de auto en verwacht nette, comfortabele haltes, waar hij beschut tegen wind en regen, op een prettige manier, zonder onzekerheid kan wachten op zijn bus. Om aan te geven wat een kwalitatief goede halte is, moeten eerst de functies van de halte worden ontrafeld. Want behalve een voordeur is een halte ook wachtruimte, informatiepunt, schakel in de verplaatsingsketen, herkenningspunt en etalage. Wachtruimte. De halte is in de eerste plaats de plek waar men – noodgedwongen en daarom zo kort mogelijk – wacht op de bus. Een halte moet objectief en subjectief veilig zijn. Niet te dicht op het verkeer, geen gevaarlijke oversteekplaatsen, goede verlichting en weinig of lage bossages. De reiziger moet er beschut en droog kunnen staan. Enig comfort, onder andere door de aanwezigheid van een bankje is wenselijk. Plaats om informatie te krijgen. De halte is geeft de dienstregeling, het openbaarvervoernetwerk uit de omgeving en steeds vaker de tijd waarop de volgende bus aankomt (dynamische reisinformatie). Schakel in de keten. Een reiziger heeft altijd voor- en natransport. Bij sommige haltes komen veel reizigers op de fiets. Veilige en logische routes; de aanwezigheid van een fietsrek ligt dan in de rede. Een kaart van de directe omgeving is handig voor het natransport. Het creëren van een goede en veilige overstapmogelijkheid op ander openbaar vervoer is belangrijk. Herkenningspunt. De halte is permanent zichtbare reclame voor het openbaar vervoer. Dat stelt eisen aan het ontwerp. Een mooie halte heeft aantrekkingskracht. Dat komt het openbaar vervoer ten goede. Sinds de decentralisatie van het regionale openbaar vervoer is er meer aandacht gekomen voor de kwaliteit van de halte. Verschillende OV-autoriteiten en gemeenten hebben sinds 2000 aantrekkelijke haltevoorzieningen aangelegd. Verder zijn inmiddels veel haltes toegankelijk gemaakt voor mensen met een beperking. Belangrijke onderdelen daarvan zijn het creëren van een barrièrevrije toegang tot het perron voor rolstoelen en kinderwagens en een vlotte instapmogelijkheid tot het voertuig. Een 18 cm hoog perron is daarbij het uitgangspunt. Zie verder Achtergrond Toegankelijkheid Aanpassing bushaltes. Veel haltes worden momenteel voorzien van panelen met actuele reisinformatie. Dit biedt een belangrijke meerwaarde, omdat het zorgt voor reductie van de onzekerheid van reizigers. De vraag of de bus nog moet komen wordt met een oogopslag beantwoord. Er zijn veel partijen betrokken bij de realisatie en het beheer en onderhoud van haltes en haltevoorzieningen. De belangrijkste zijn: OV-autoriteiten wegbeheerders vervoerders bureaus voor buitenreclame. Wegbeheerders, in 75 procent van de gevallen de gemeenten, hebben een cruciale rol, maar zijn in de meeste gevallen niet de concessieverlener voor het openbaar vervoer. Samenwerking is dus essentieel.

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 17-02-2012

  • Projecten HOV-rail

    We maken onderscheid tussen HOV-bus en -tram. Van elk HOV-tramproject is hier een korte beschrijving opgenomen met een verwijzing naar de projectwebsite en een contactadres. 1. RegioTram Groningen2. Regiotram Zwolle–Kampen3. Stadsregiorail Arnhem Nijmegen4. HOV Nijmegen5. Spartacus6. Tram Utrecht CS–Uithof7. SUNIJ-lijn8. RijnGouweLijn9. RandstadRail10. Hoekse Lijn1. RegioTram GroningenIn de stad Groningen komen trams te rijden. Dit is een idee van de Regio Groningen-Assen, provincie Groningen en gemeente Groningen, om de bereikbaarheid van de regio en stad op een duurzame manier te verbeteren. In eerste instantie komen er twee tramlijnen in de stad: Lijn 1 Zernike en Lijn 2 Kardinge. Na 2020 moeten de trams doorrijden de regio in, met als mogelijke bestemmingen: Hoogezand-Sappemeer, Zuidhorn, Bedum, Winsum, De Punt en Leek-Roden. Fase project: Planvorming Overheden: Regio Groningen-Assen, Gemeente Groningen en Provincie Groningen, website Regiotram Contact: Project Regiotram, 050 - 4023 550, info@regiotram.groningen.nl 2. Regiotram Zwolle–Kampen De Regiotram moet een nieuw vervoermiddel op het bestaande spoor tussen Zwolle en Kampen worden. Comfortabel, frequent en duurzaam. En met meer plekken om in en uit te stappen, dus een verbetering van de bereikbaarheid. In de zomer van 2014 moet de Regiotram rijden. Fase project: Uitvoering Overheden: Gemeenten Zwolle en Kampen, Provincie Overijssel, website Regiotram Contact: Provincie Overijssel, regiotram@overijssel.nl 3. Stadsregiorail, Arnhem NijmegenDe Stadsregio Arnhem Nijmegen moet een bereikbare regio blijven. Niet alleen per auto, maar ook met openbaar vervoer. Daarom investeert de stadsregio in Stadsregiorail: een programma voor meer regionale treinen op bestaand spoor, nieuwe (trein)stations en betere aansluitingen van bus en trein. De stadsregio gaat voor minimaal 4 stoptreinen op de routes in de regio. Op het bestaande spoor is hier niet overal voldoende ruimte voor. Daarom investeert de stadsregio in extra infrastructuur. Binnen het programma Stadsregiorail gaat het concreet om twee projecten. Het aanleggen van een keerspoor bij station Elst, zodat de trein uit Tiel hier kan keren en er dus meer treinen kunnen rijden tussen Arnhem en Nijmegen. En een keerspoor bij station Wijchen, zodat de stoptrein Zutphen-Wijchen kan keren en er vier sprinters per uur kunnen rijden tussen Arnhem en Wijchen.Tot en met 2012 realiseren de Stadsregio Arnhem Nijmegen, ProRail en de betrokken gemeenten de drie nieuwe stations en twee nieuwe infrastructurele voorzieningen. Fase project: Uitvoering Overheden: Stadsregio Arnhem-Nijmegen (incl. betrokken gemeenten), Provincie Gelderland, website Stadsregiorail Contact: Projectleider Cor Hartogs, chartogs@destadsregio.nl 4. HOV NijmegenDe gemeente Nijmegen zorgt ervoor dat Nijmegen goed bereikbaar is, zowel met auto, fiets als openbaar vervoer. Om de bereikbaarheid per openbaar vervoer te verbeteren, zet de gemeente in op HOV. Daarbij wordt op dit moment onderzocht of de tram een haalbare optie is. De verwachting is dat de tram direct wordt ingezet op het tracé tussen Nijmegen-centrum en Heijendaal Campus. Daar maken dagelijks ongeveer 20.000 mensen gebruik van het OV. Op het tracé tussen Nijmegen-centrum en Nijmegen-Noord rijden in eerste instantie naar verwachting HOV-bussen. Bij de aanleg van de busbanen wordt wel rekening gehouden met een eventuele overgang naar de tram. Fase project: Verkenning Overheden: Gemeente Nijmegen, website hov.nijmegen Contact: Projectteam HOV, 14 024, hov@nijmegen.nl 5. Spartacus, sneltram tussen Hasselt en MaastrichtAls onderdeel van het openbaar vervoer project Spartacus in Vlaanderen moet er een elektrische sneltram tussen Hasselt (België) en Maastricht komen. De plannen voor de lijn naar Maastricht zijn onlangs door de Vlaamse regering goedgekeurd. Volgens plan moet deze in 2016 in gebruik worden genomen. Fase project: Planvorming / Uitvoering Overheden: Provincie Limburg, Ministerie van Verkeer Vlaanderen, website delijn Contact: De Lijn Limburg, +32 (0)1185 4263, spartacus@delijn.be 6. HOV Om de Zuid, Tram naar UithofDe HOV om de Zuid is een belangrijk onderdeel van een netwerk van Hoogwaardige Openbaar Vervoer banen en verbindt het Centraal Station met De Uithof. In 2011 is besloten tot de aanleg van deze verbinding. Het tracé van deze trambaan zal vanaf Utrecht CS via Stadion Galgenwaard naar de Uithof gaan. De lijn wordt 7,5 km lang en zal 9 haltes hebben. In 2020 zullen dagelijks 60.000 reizigers van delijn gebruik maken. Er worden 27 lagevloertrams besteld. Naar verwachting wordt de lijn in 2018 in gebruik genomen. De Uithoflijn wordt de eerste uitbreiding op weg naar het Tramnet 2025, een netwerk dat het bestuur van BRU in december 2009 vaststelde. Fase project: Planvorming / Uitvoering Overheden: Bestuursregio Utrecht, Gemeente Utrecht, website Utrecht Contact: Projectorganisatie Uithoflijn, 030 – 286 00 00, uithoflijn@utrecht.nl 7. Sneltram Utrecht – Nieuwegein/IJsselsteinDeze tramverbinding is begin jaren ’80 ontwikkeld door de NS, om snelle railverbindingen tussen werksteden en groeikernen te ontwikkelen. De verbinding maakt nu deel uit van het Utrechtse HOV-netwerk en vervoert per werkdag een kleine 40.000 reizigers. Fase project: In exploitatie Overheden: Bestuursregio Utrecht, Gemeente Utrecht, website Utrecht Contact: Regio Utrecht, 030 – 2862525, info@regioutrecht.nl 8. RijnGouwelijnHet project RijnGouweLijn als lightrailverbinding tussen Gouda en Noordwijk/Katwijk is van de baan. In plaats daarvan worden de spoorverbindingen met Utrecht en met Gouda verbeterd en komen er diverse HOV-busverbindingen volgens het R-netconcept. Zie HOV-net Zuid-Holland Noord Fase project: Planvorming Overheden: Provincie Zuid-Holland, regio Holland Rijnland, gemeenten. Zie website zuid-holland HOV-NET Contact: m.b.t. de railprojecten: Rob Bakker 070-4417356 en Frank Appelman 070-4416922. 9. RandstadRailRandstadRail verbindt de stadscentra van Den Haag, Rotterdam en Zoetermeer en ontsluit de tussenliggende woon- en werkgebieden. RandstadRail bestaat uit drie lightrailverbindingen en een snelle buslijn. Tussen Den Haag en Zoetermeer betreft het twee railverbindingen. Op het traject Den Haag – Rotterdam rijdt RandstadRail (metrolijn E) in een half uur van en naar metrostation Rotterdam Centraal. Sinds eind 2011 kunnen reizigers rechtstreeks door naar Slinge op de zuidoever. Randstadrailtrams komen ook op lijn 2. Het eindpunt van lijn 4 wordt doorgetrkken naar Zoetermeer/Bleizo. Fase project: In exploitatie Overheden: Provincie Zuid-Holland, Stadsgewest Haaglanden, Stadsregio Rotterdam, website Randstadrail Contact: Contactformulier op website 10. Hoekse lijnDe Stadsregio Rotterdam wil de spoorverbinding tussen Schiedam en Hoek van Holland ombouwen tot een hoogfrequente lightrailverbinding. De lightrail zal bij Schiedam aansluiten op metrolijn B. Daarmee ontstaat een directe verbinding tussen Hoek van Holland, Maassluis, Vlaardingen, Schiedam en het centrum van Rotterdam. Het ontwerp van de lightrailbaan en haltes is in een vergevorderd stadium. Fase project: Planvorming Overheden: Stadsregio Rotterdam, diverse gemeenten, website Stadsregio Contact: Stadsregio Rotterdam, 010 – 267 23 89, info@sr.rotterdam.nl.

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 17-02-2012

  • Buses with high level of service (BHLS)

    Overheden hebben verschillende doelen met hoogwaardig openbaar vervoer: vermindering automobiliteit; hogere snelheid openbaar vervoer; verbetering efficiency; betere toegankelijkheid; verbetering netwerkstructuur; verlaging exploitatiekosten; meer ov-gebruik; vermindering CO2; vergroting capaciteit. In een uitgebreide Europese studie zochten 35 werkgroepleden uit 14 landen naar de heilige graal van ‘Goed Openbaar Vervoer’. In de vier jaar die het project liep onderzocht de werkgroep 35 HOV-systemen, bezocht er 25 en verwerkte de resultaten in evenzoveel beschrijvingen. De resultaten zijn beschreven in het rapport 'Buses with high level of service', dat eind november 2012 werd gepresenteerd. Elke Europese stad met HOV-ambities, van klein tot groot, kan inspiratie putten uit een of meer van de beschreven HOV-projecten; het rapport biedt voor elk wat wils. Feitelijk is het rapport een toolbox met relatief bescheiden, kosteneffectieve maatregelen, waarmee “decennia van systematische verwaarlozing van de bustechniek kan worden beantwoord”. Een van de rode draden is dat een lijn of een samenstel van lijnen door de HOV-kwaliteit ‘smoel’ krijgt. Door deze specifieke identiteit is het makkelijker marketing te bedrijven. Bovendien zorgt HOV hiermee voor een bepaalde hierarchie in het lijnennet, die in de mental map van reizigers beklijft. Dat blijkt te werken. Alle beschreven HOV-projecten kunnen bogen op reizigersgroei. Die loopt uiteen van 15 procent tot meer dan 100 procent. Onder praktijkvoorbeelden zijn verschillende HOV-beschrijvingen te vinden. Website: www.bhls.eu

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 17-02-2012

  • European Bus System of the Future (EBSF)

    In dit grootschalige project werken 52 organisaties uit 11 landen aan verschillende aspecten die in het bussysteem van de toekomst kunnen worden opgenomen. Onder hen vijf grote Europese bussenbouwers, vervoerbedrijven, overheden, adviesbureaus, wetenschappers en toeleveranciers. De UITP coördineert het project. Gezocht wordt naar innovatieve oplossingen en naar de mogelijkheden van harmonisering en standaardisering. Andere doelen zijn om de aantrekkelijkheid en het imago van bussystemen te verhogen. In Bremerhaven, Madrid, Parijs-Brunoy, Rouen, Rome, Götenborg en Boedapast vinden pilots plaats. Eind 2012 is het project afgerond. Website: www.ebsf.eu

    Onderwerp: Hoogwaardig ov
    Kennispagina 17-02-2012

  • KpVV-bericht nr. 105: De ov-reiziger centraal. Lukt dat met apps en Twitter?

    We roepen het al jaren in de wereld van het openbaar vervoer: de klant centraal. Hoe doe je dat als overheden opdrachtgever zijn van het vervoer en bovendien de helft van de kosten betalen?Kunnen ict, internet en smartphone de ov-reiziger helpen hem het Klantgevoel met een grote K te geven? Een verkenning.

    Onderwerpen: Klant & Kwaliteit, Reisgedrag, Reisinformatie
    Publicatie 3-11-2011